Van een slimme herstelhulp voor kapotte huishoudtoestellen tot hedendaagse meubels uit afgedankte wandkasten en nieuwe materialen uit aardappelschillen: de winnaars van de Ecodesign Award voor Studenten 2026 tonen hoe ontwerp kan bijdragen aan oplossingen voor de maatschappelijke en ecologische uitdagingen van vandaag. De hoofdprijs gaat dit jaar naar Jorre Vrambout (Master Productontwikkeling, Universiteit Antwerpen) voor RepairAid, een slimme digitale tool die gebruikers begeleidt naar de meest haalbare hersteloptie voor huishoudtoestellen. Bijzonder relevant op een moment waarop Europa sterk inzet op het ‘right to repair’.
Deze editie is extra bijzonder. De Ecodesign Award voor Studenten viert zijn twintigste editie, en dit in het volledig vernieuwde Design Museum in Gent. Wat in 2007 begon met vijf inzendingen, groeide uit tot een vaste waarde voor jong ontwerptalent in Vlaanderen. Over de voorbije twintig jaar werden maar liefst 860 eind- en jaarwerken ingediend door studenten uit Vlaamse ontwerpopleidingen. In 2026 alleen al ontving de jury 54 inzendingen.
Maar die twintig jaar vertellen meer dan een verhaal van aantallen. Ze laten ook zien hoe ecodesign zelf geëvolueerd is. “Goed ecodesign stopt vandaag niet meer bij het product zelf. Het gaat erom producten zo lang mogelijk in gebruik te houden, door herstel, hergebruik of nieuwe product-dienstcombinaties. In de inzendingen voor de Ecodesign Awards zie je mooi hoe ontwerpers de voorbije twintig jaar steeds meer vanuit dat bredere systeem zijn gaan denken”, aldus jurylid An Vercalsteren (VITO).
Vandaag kijken we met de Ecodesign Award niet alleen terug, maar vooral vooruit.
“De ontwerpers van morgen spelen een cruciale rol in de circulaire economie van morgen. Met slimme oplossingen voor herstel, hergebruik, recyclage en duurzaam materiaalgebruik tonen deze studenten dat innovatie hand in hand kan gaan met een verstandig gebruik van grondstoffen. Hun projecten bewijzen dat duurzaamheid vandaag geen niche meer is, maar een vanzelfsprekend onderdeel van goed ontwerp.”, zegt Jo Brouns, Vlaams minister van Omgeving.
Met de award zetten OVAM, Vlaanderen Circulair en hun partners de meest veelbelovende ontwerpers van morgen in de kijker. De jury, bestaande uit vertegenwoordigers van Flanders District of Creativity, VITO, Design Museum Gent, Superellipse en Studio D, bekroonde zes projecten die uitblinken in innovatie, circulariteit, maatschappelijke impact en ontwerpkwaliteit.
Een herkenbaar probleem: je wasmachine begeeft het en je hebt geen flauw idee wat er defect is of wat herstellen kost. Zeker als het toestel al een paar jaar op de teller heeft, kopen veel mensen uit gemak dan maar een nieuw toestel. Want iets nieuws bestellen gaat makkelijk, in een paar klikken.
Productontwikkelaar Jorre Vrambout (Universiteit Antwerpen), wil ook de weg naar herstellen een pak eenvoudiger en vanzelfsprekend maken met RepairAid. Zijn slimme digitale tool begeleidt gebruikers naar een haalbare hersteloptie voor elektrische huishoudtoestellen: zelf herstellen, begeleiding naar een repair café of professioneel herstel – het zijn allemaal opties die RepairAid kan voorstellen. Het systeem combineert historische reparatiedata, agentic AI, interactieve diagnose en circulaire besluitvorming om de levensduur van huishoudtoestellen te verlengen. Een terechte hoofdwinnaar die ook de prijs in de Categorie Business Potential wegkaapte.

De zandbodem van het Belgisch deel van de Noordzee staat onder druk, waardoor waardevolle bodemhabitats en natuurlijke riffen verdwijnen. Om dat tij te keren, ontwierp Loran Lieu (master in de productontwikkeling, Universiteit Antwerpen) een natuurgebaseerde rifstructuur uit onder meer wilgentakken, jute en schelpen. Ze vormen een uitstekende habitat voor rifvormende schelpkokerwormen. Die stabiliseren de bodem en creëren voedsel en schuilplaatsen voor andere soorten.
De schelpkokerworm wordt ook wel een ecosysteemingenieur genoemd. Bovendien remt de structuur de stroming af en houdt het zand vast, zodat larven een stevige en stabiele startbasis krijgen. En dat allemaal met een tijdelijke constructie uit 100% natuurlijke en biologisch afbreekbare materialen!
Het project bewijst hoe ontwerp kan bijdragen aan ecosysteemherstel met minimale materiaalimpact en maximale meerwaarde voor de natuur. Kortom, een inspirerende winnaar in de categorie Sustainable Innovation.

Voor veel meisjes en vrouwen in rurale gebieden zijn menstruatieproducten duur of simpelweg niet voorhanden. Billie De Kegel (master in de productontwikkeling, Universiteit Antwerpen) zag in Benin hoe meisjes daardoor achteruitgesteld werden. Haar antwoord? Osé, verstelbaar, meegroeiend menstruatieondergoed met een absorberende pad. Billie ontwierp een eenvoudig patroon dat makkelijk uitgevoerd kan worden in de plaatselijke naaiateliers met materialen die lokaal beschikbaar zijn. De pad is uitneembaar, wasbaar en makkelijk te vervangen. Het resultaat? Een betaalbaar, sociaal en ecologisch ontwerp dat afval vermijdt én meisjes kansen biedt om onderwijs te blijven volgen. Met Osé wint Billie de Ecodesign Award in de categorie Human Interest.

Op afdelingen zoals intensieve zorgen ontstaat elke dag een enorme berg afval, waarvan bijna de helft in de verkeerde afvalstroom belandt. Niet uit onwil van het zorgpersoneel, maar simpelweg omdat sorteren tijdens de drukke zorg aan bed te omslachtig is. Gevolg: recycleerbare grondstoffen verdwijnen rechtstreeks in de verbrandingsoven.
Recurite brengt de oplossing letterlijk naar het bed van de patiënt. Master in de productontwikkeling Quinten Hensbergen (Universiteit Antwerpen) ontwierp een ergonomische, modulaire verzorgingskar met aparte compartimenten voor PMD, karton en niet-risicohoudend medisch afval, aangevuld met kleurcodering en visuele aanduidingen. Zorgverleners sorteren zo in één vlotte handeling tijdens hun vaste routine. Door stromen al aan de bron zuiver te scheiden, blijven waardevolle medische materialen behouden voor hoogwaardige recyclage.
Met zijn innovatieve verzorgingskar wint Quinten dit jaar de Ecodesign Award in de categorie Industrial Design.

Ooit waren ze in, nu zijn ze te log voor moderne interieurs: zware eiken wandkasten. Bij verhuizingen belanden ze dus vaak op het containerpark, of in het beste geval in een kringwinkel. Daar zag ook Milo Van Aelst (Voortgezette Opleiding Meubelontwerp, Thomas More) ze staan, in het vergeethoekje, en hij bedacht Fabiola. Het ontwerpsysteem ontleedt de kasten tot hun onderdelen en transformeert ze tot hedendaagse meubelen. In plaats van alle materiaalsporen weg te schaven, laat Milo de ziel en het verhaal van het materiaal subtiel doorschemeren. Zo geeft hij afgedankte meubels met Fabiola een nieuw leven in een hedendaags circulair designjasje. Een terechte winnaar in de categorie Inspiring Design.

Ze zijn dagelijkse kost in heel wat Vlaamse huishoudens: aardappelen. En die voorliefde voor de patat zorgt voor een gigantische berg aardappelschillen. Die schillen verdwijnen vandaag vooral bij het gft-afval of op de composthoop, maar ze hebben zoveel meer potentieel. Dat bewijst interieurvormgever (Thomas More) Sandra Laporte. Met Skinovate ontwikkelt ze biobased materialen op basis van gedroogde, gemixte en gezeefde aardappelschillen in combinatie met natuurlijke bindmiddelen. Vervolgens experimenteert ze hoe ze de nieuwe materialen kan toepassen in de interieursector. De prototypes tonen alvast aan dat haar nieuwe materialen – zoals bioleer en biocomposiet – potentieel hebben. Stel je voor, hoogwaardig design gemaakt uit een schijnbaar waardeloze reststroom? De innovatie werd alvast beloond met de Juryprijs van de Ecodesign Awards 2026!

De bekroonde ontwerpen zijn nog tot 8 november te bewonderen op het Wonder Festival in Kortrijk.
Meer info: Ecodesign Award