Lithium-ionbatterijen zijn niet meer weg te denken uit ons dagelijks leven. Ze zitten in smartphones, e-bikes, speelgoed, powertools en zelfs wenskaarten. Maar die elektrificatie heeft ook een keerzijde: het aantal batterijbranden in de afval- en recyclingsector stijgt explosief. Wat vroeger een uitzonderlijk incident was, is vandaag een structureel veiligheidsprobleem.
Dat blijkt uit een gesprek tussen Wim Pype, International Sales Manager bij Renewi E-Waste, en Paul Casier, CEO van Group Casier. Beide experts trekken aan de alarmbel: de sector botst op de grenzen van veiligheid, verzekerbaarheid en werkbaarheid. “Het is geen kwestie meer van óf het zal branden, maar wanneer”, zegt Casier resoluut.

Volgens Pype zijn batterijbranden intussen een wekelijkse realiteit in bepaalde installaties. Vaak gaat het om kleine incidenten die snel onder controle raken, maar soms loopt het volledig uit de hand. Hij verwijst naar een zware brand in de Renewi site in Wandre bij Luik in 2023. Vermoedelijk veroorzaakte een beschadigde powerbank een zogenaamde ‘thermal runaway’, waarbij een batterij zichzelf razendsnel opwarmt en ontbrandt. “Binnen enkele seconden stond een volledige zone in brand. Het dak van de opslagconstructie bezweek door de hitte en de brand verspreidde zich verder over de site”, vertelt Pype. De financiële impact liep op tot ongeveer 1 miljoen euro, maar volgens hem gaat de schade veel verder dan enkel materiële verliezen. Stilgevallen installaties, onderbroken klantencontracten, strengere vergunningsprocedures en de mentale belasting voor werknemers wegen minstens even zwaar door.
Lithium-ionbatterijen zijn technisch sterk ontwikkeld: compact, krachtig en energie-efficiënt. Net die hoge energiedichtheid maakt ze echter bijzonder gevaarlijk wanneer ze beschadigd raken. In afval- en recyclingprocessen worden materialen geperst, gebroken, gezeefd en verplaatst. Wanneer batterijen onbedoeld in die afvalstromen terechtkomen, kunnen de interne componenten beschadigd raken. Dat veroorzaakt kortsluiting en uiteindelijk brand. “Alles rond die batterij is eigenlijk brandstof”, legt Pype uit. “Eén kleine batterij kan voldoende zijn om een volledige sorteerlijn in brand te zetten.” Vooral ingebouwde batterijen vormen een groot probleem. Denk aan smartphones, e-sigaretten, earbuds of speelgoed waarin batterijen moeilijk verwijderbaar zijn. Volgens Pype zit vandaag ongeveer 80% van de lithium-ionbatterijen vast ingebouwd in toestellen.

Ook voor verzekeraars wordt de situatie steeds problematischer. Volgens Casier is het klassieke verzekeringsprincipe onder druk komen te staan. “Een verzekering werkt op onzekerheid”, zegt hij. “Maar batterijbranden zijn intussen zo frequent geworden dat verzekeraars het risico bijna als een zekerheid beschouwen.” Daardoor stijgen de verzekeringspremies fors en worden de voorwaarden strenger. Vrijstellingen van 250.000 euro zijn volgens Casier vandaag eerder regel dan uitzondering. Bedrijven die geen duidelijke preventiemaatregelen nemen, dreigen zelfs volledig onverzekerbaar te worden. “Preventie is geen keuze meer. Zonder een degelijk veiligheidsbeleid raak je simpelweg niet meer verzekerd.”
De sector investeert daarom massaal in brandpreventie. Thermische camera’s, rook- en gasdetectie, automatische blussystemen, compartimentering en uitgebreide opleidingen maken steeds vaker deel uit van de standaarduitrusting. Maar technologie alleen volstaat niet, benadrukt Pype: “Preventie begint al bij de aanlevering van de afvalstromen. We moeten voortdurend inzetten op controles, sensibilisering en duidelijke acceptatievoorwaarden.” Daarnaast werkt de sector samen met brandweerdiensten om gerichte oefeningen te organiseren. Want ook het bestrijden van afvalbranden vraagt specifieke expertise.

Beide experts vinden dat de verantwoordelijkheid vandaag te veel bij de recyclingsector ligt. Producenten moeten volgens hen sterker betrokken worden bij de oplossing. Ze pleiten voor een Europees beleid dat inzet op ‘design for recycling’ en ‘design for safety’: batterijen moeten makkelijker verwijderbaar worden en producten moeten ontworpen worden met aandacht voor het einde van hun levensduur. Daarnaast vragen ze strengere regelgeving rond wegwerpproducten met batterijen, zoals wegwerpvapes of gadgets met ingebouwde batterijtjes. Ook een Europees fonds voor brandpreventie en een statiegeldsysteem voor lithium-ionbatterijen behoren volgens hen tot mogelijke oplossingen.
De belangrijkste boodschap blijft echter gericht aan de consument. “Een batterij hoort nooit in het restafval”, benadrukt Pype. “Dat lijkt een klein detail, maar het kan het verschil maken tussen een normale werkdag en een zware brand.” Ook Casier roept op tot meer bewustzijn: “Goed sorteren is een maatschappelijk engagement. Iedereen draagt verantwoordelijkheid in deze keten.” De boodschap van beide experts is duidelijk: lithium-ionbatterijen zijn essentieel voor de circulaire en elektrische toekomst, maar zonder correcte inzameling, beter productdesign en structurele preventie dreigt diezelfde toekomst letterlijk in vlammen op te gaan.