We zijn niet circulair. Van de 106 miljard ton aan materialen die we gebruiken krijgt nog geen 7% een tweede leven. Toch moeten we die kant uit want ons lineair economisch model heeft grote gevolgen. Van de negen boundaries die onze samenleving bescherming zijn er door materialengebruik inmiddels zes overschreden. Het resultaat is een ontwricht klimaat. Als we maximaal inzetten op circulariteit, kunnen we bij elk van die boundaries wel weer grote stappen in de juiste richting zetten. Hoog tijd dus.
De afgelopen 50 jaar ging onze materiaalconsumptie maal drie. Voor de komende decennia wordt nog eens een stijging met 60% voorspeld bij business as usual. De impact zal zich nog verder laten voelen: op het klimaat, op de gezondheid en op de biodiversiteit. Problemen die we eigenlijk enkel kunnen oplossen door in te zetten op een lager grondstoffengebruik. Omdat te bereiken hebben we ontkoppeling nodig. We moeten af van het idee dat we meer grondstoffen nodig hebben voor meer economische activiteit en welvaart.
Meer duurzaamheid zullen we echter niet zomaar bereiken. Er zijn drie shifts nodig: in de efficiëntie van grondstofgebruik, in energie en in voedselsystemen. Enkel als je een herverdeling van rijkdom meeneemt in dit verhaal. Als je in landen met hoge inkomens streeft naar 20% minder, dan kunnen landen met lage inkomens meer grondstoffen gebruiken om de basis van hun maatschappij uit te bouwen. En dat is heus niet onmogelijk. Als je er de cijfers bijneemt sinds 1970, dan zie je dat onze productiviteitsgroei vooral te danken is aan arbeid. Niet aan materialen dus. We moeten die meer naar waarde schatten. Letterlijk en figuurlijk, want als ze meer kosten, zouden we er zuiniger mee omspringen.
Om echt werk te maken van een duurzame maatschappij hebben we serieuze beleidskeuzes nodig. Zeker in Vlaanderen beschikken we over één van de betere ecosystemen. We mogen dus meer verwachten, zodat duurzame consumptie echt mainstream kan worden. Dat we daarbij moeten uitfaseren wat niet duurzaam is, is de logica zelf. Maar het is ook een keuze die ons nieuwe concurrentiekracht kan geven. Hernieuwbare energie hebben we hier voor het rapen, voor fossiele brandstoffen hangen we af van andere werelddelen. Als we zien dat de vraag naar lithium maal 57 zal gaan tegen 2050 en platinum zelfs maal 970, dan moet je gewoon meer inzetten op de grondstoffen die je wel hebt.
Tussen 2010 en 2022 zijn we al relatief aan het ontkoppelen geslagen. Het afval steef van 2,2 miljard ton naar 2,4 miljard ton, het recyclingniveau ging van 42,9% naar 46, 1%, onze circulariteit steeg van 10,7% naar 11,5%. Kleine stappen in de juiste richting, maar nu is het tijd om absoluut te ontkoppelen en te versnellen. En dan moeten we eigenlijk vier stappen teruggaan in de keten. Dus niet kijken hoe we producten in de afvalfase beter kunnen inzamelen en verwerken, maar wel hoe we ze veilig en duurzaam kunnen ontwerpen en hoe we dingen langer kunnen gebruiken. Voor voertuigen doen we dat al, omdat ze veel kosten, voor toestellen minder. Als we maximaal circulair worden hebben we veel troeven in handen om te doen wat we kunnen doen en zouden moeten doen.
Hans Bruyninckx,
Professor Milieubeleid aan Universiteit Antwerpen